Droomcase Peter
Uit BRON – fragmenten uit hoofdstuk 10 en hoofdstuk 14
Een aanraking als genezing. In onze cognitieve cultuur is dat bijna revolutionair.
Bevroren Liefde
Raak me aan of ik val uiteen
in duizend brokstukken gebroken steen
Of voel je de dood als je me betast?
Dat wat eens mijn trotse lichaam was.
Bevroren woorden
hard als muren
gebouwd om je hart
Ben ik dan niet meer wie je ooit liefhad?
Raak me aan ik smeek je
laat niet los laat niet vallen of ik val uiteen
Wanneer gedachten mijn lichaam binnendringen
en zich vergrijpen aan spieren, aan cellen
aan bloed,
en angst rond zich heenslaat.
Zonder controle
verdwijn ik
als gesmolten ijs
omdat ik niet weet hoe ik alleen mezelf zijn moet.
Sla een arm om me heen
uit liefde vloeibaar voelbaar en niet versteend
onze zenuwstelsels vervlecht
zoals ooit
Raak me aan of ik val uiteen
in duizend brokstukken gebroken steen
Peter
Peter was in tranen toen hij zei: “Als ze me één keer zou omarmen, één keer aan zou raken,
zou ik al voor de helft genezen zijn. Dan zou de spanning voor de helft verdwijnen.”
Deze woorden waren de inspiratie voor bovenstaand gedicht. Ze kwamen binnen na de nacht en ik schreef het voor Peter.
Peter leeft al negen jaar met onbedwingbare spasmen. De artsen weten het niet. De één zegt Parkinson, de ander haalt de schouders op. Hij slikt 47 pillen per dag. De spanning in zijn lichaam is onhoudbaar, de oorzaak onvindbaar. Toch blijft men pillen voorschrijven en het lichaam de schuld geven.
Toen wij elkaar voor het eerst ontmoetten, zat hij in een zaal vol bankiers. Hij was de enige die echt openstond voor mijn verhaal.
De enige die nog kon voelen. Zijn levensverhaal bleek loodzwaar, en hij droeg het nog steeds met zich mee. Letterlijk. Jung schreef dat er voor een kind niets erger is dan de ongeleefde levens van de ouders. Dat past bij Peter: een jeugd vol status, geldzorgen en de dwang om te bewijzen dat je goed genoeg bent. Een strijd tussen vader en zoon, waarvan de kinderen de prijs betaalden.
Peter is iemand met een groot empathisch vermogen en een enorm verantwoordelijkheidsgevoel. Misschien zó groot,dat zijn lichaam het op een dag overnam. Zijn armen slaan, zijn romp klapt dubbel, elke paar seconden.
Dag en nacht. In die ene zin van hem ligt misschien al de kern:
“Als ze me één keer zou omarmen, zou de spanning voor de helft verdwijnen.”
De aanraking als genezing. In onze cognitieve cultuur is dat bijna revolutionair.
Kan een lichaam gaan schokken omdat het de last van een leven niet meer dragen kan?
Kan een mens ziek worden omdat hij, zonder het te weten, het gewicht van anderen draagt?
Peter lijkt zo iemand. Iemand die altijd draagt, tot hij valt. En als hij niet meer dragen kan, wie draagt hem dan?
Want Peter was niet zomaar iemand. Hij was een beslisser.
Een man met invloed en macht.
Partner binnen een grote internationale organisatie. Iemand van wie veel afhing,
voor wie velen bewogen, en die jarenlang leefde in een wereld van verantwoordelijkheid, prestatie en controle.
Juist daarom is zijn droom zo belangrijk. Omdat hij niet alleen iets zegt over ziekte, maar ook over macht, last,
loyaliteit en de prijs van een leven dat te lang gedragen werd zonder werkelijk gedragen te worden.
Droom 'Bijeenkomst'
Droom bijeenkomst
“Ik was op een soort bijeenkomst georganiseerd door mijn collega’s in het kader van mijn vertrek bij de organisatie.
Ik kreeg als afscheidscadeau een motorfiets, maar wel een beetje vreemd model. Het was een crossmotor gemengd met een weg motor. Er hing geen enkele sfeer in de ruimte. Het gebouw waarin we waren was vreemd er was een soort crossbaan gemaakt
waar mensen met motoren op reden. Voor, onder naar boven en dergelijke, heel vreemd allemaal.
Maar ik stond al op het punt om te laten zien wat ik op de motor kon, ik vond dat ik moest tonen wat met een motor kon.
Helaas sloeg de motor vaak af en ging het helemaal niet lekker. Overigens hadden de collega’s daar geen enkel oog voor want die waren alleen met de zichzelf bezig. Het feestje hier was voor mij maar was plichtmatig.
Ik ben van de motor afgestapt maar viel aan de andere kant weer af. Daarmee eindigde mijn droom”
Analyse
Deze droom laat je niet netjes uitzwaaien, hij ontmaskert. Een afscheid dat een feestje zou moeten zijn, wordt een toneelstuk zonder ziel. En jij staat er middenin met een motor die niet meer wil.
De setting. Een afscheidsfeest zonder hart
Je collega’s organiseren een bijeenkomst “voor jou”, maar er hangt geen sfeer. Het is plichtmatig. Alsof het script zegt: we moeten iets doen, maar niemand werkelijk aanwezig is. Dat is al de eerste breuk: jouw vertrek raakt jou, maar niet hen. De organisatie is toneel geworden.
De motor. Oude kracht op vreemd terrein
Je krijgt een motorfiets cadeau, maar het is een vreemd model: half cross, half wegmotor. Geen helder voertuig, maar een hybride waar je je niet helemaal in herkent. Toch voel je de oude reflex: ik moet laten zien wat ik kan.
De motor staat hier voor jouw kracht, drive, identiteit als “iemand die het kan”:
leiderschap, prestaties, controle, status. Dit is het voertuig waarmee je jarenlang door je werkzame leven bent gereden.
De crossbaan in het gebouw, nepdecor
Een crossbaan ín een gebouw is absurd, en precies daarom waar. De droom laat zien hoe de oude arena van prestatie en competitie nu is geïmporteerd in een omgeving waar hij niet thuishoort. Je probeert volle kracht vooruit te gaan in een setting die van binnen al dood is. Een decor van muren en daglicht, met daarin nog één keer de illusie van avontuur en snelheid. Je moet jezelf bewijzen in een kartonnen wereld.
De motor slaat af. De vorm is op
Je staat klaar om te tonen wat je kunt, maar de motor slaat steeds af. Je techniek is niet weg, jouw kunnen is niet weg, maar het systeem ondersteunt je niet meer. De combinatie van deze plek, deze mensen, deze rol en deze vorm van kracht… werkt niet langer.
De motor weigert.
Het is alsof je lichaam en je ziel samenzweren: niet nog een laatste rondje. Dit decor is niet meer van jou.
De collega’s kijken niet. Jij bent figurant in je eigen afscheid
Terwijl jij worstelt met de motor, heeft geen enkele collega er oog voor. Ze zijn alleen met zichzelf bezig. Het feestje is voor jou in naam, maar niet in aandacht. Dat voelt hard, maar het is waar: je rol is in hun wereld al afgeschreven, terwijl jij nog probeert te rijden.
De droom confronteert je met een pijnlijke waarheid: hier is geen wederkerigheid meer.
Geen echte blik. Geen “wij”. Niemand kijkt, want in die wereld is aandacht een valuta: men kijkt alleen naar zichzelf.
Het einde. Afstappen en vallen
Je stapt van de motor af. Dat is al een keuze: je stopt met je bewijzen in een wereld die dit niet meer kan ontvangen.
Maar dan val je “aan de andere kant” er toch weer af.
Dat is een sleutelbeeld: zelfs in het afstappen ben je nog wankel. De identiteit ná de motor is nog niet gevonden.
De oude vorm is op, de nieuwe staat nog niet.
Herkenning
Je bevindt je in een overgangszone: de organisatie heeft jou al losgelaten als levend mens, maar jij rijdt er nog rond met je oude voertuig. Je voelt dat je vuur niet weg is, maar het oude speelveld reageert niet meer.
Kerninzicht
Deze droom laat een man zien die zijn vuur terugheeft, maar zich niet langer geloofwaardig kan bewijzen in de oude wereld. De crossbaan in het kantoor is een nepdecor: je ziel vraagt om een ander soort kracht, op een andere plek. De motor hoort niet meer in het gebouw.Jij ook niet. De uitnodiging van de droom is hard en helder: vind een nieuwe vorm van kracht,
kracht die niet optreedt, maar draagt.
Wil je zelf ontdekken wat jouw dromen zeggen over patronen en keuzes in je leven?
Ook gaan van rol naar kern, van controle naar kompas.
Neem contact op met Erwin Steijlen
Lees meer over BRON voor Beslissers
Doe een gratis droomanalyse met Droommachine
Dit zijn fragmenten uit lesprogramma’De 5 Stappen naar Verandering’.
